NL | FR | EN

Persoonlijke borgstelling na faillissement

U heeft zich persoonlijk borg gesteld bij de bank opdat een vennootschap van bijvoorbeeld Uzelf, van Uw echtgenoot of van een kennis, kredieten zou kunnen verkrijgen van de bank voor het ontplooien van zijn bedrijfsactiviteiten.

Om een bepaalde reden kunnen de kredieten niet worden terug betaald en gaat de vennootschap failliet.

De bank komt na het faillissement aankloppen bij de borgstellers voor het resterende bedrag.

Wat nu? In dergelijke zaken kan het openstaande saldo en interesten oplopen tot in de duizenden euro’s en betekent dit een financiële ramp voor de personen die zich borg hebben gesteld.

De wetgever heeft voor deze vaak onbillijke situatie oog gehad en heeft voor een borgsteller of de solidaire mede schuldenaar tot zekerheid de mogelijkheid tot bevrijding van hun verbintenis ingevoerd.

De borgsteller of de solidaire mede schuldenaar tot zekerheid, moet aan de volgende voorwaarden opdat hij niet zou zijn gehouden tot zijn betalingsverbintenis

  1. Het moet gaan om een natuurlijke persoon, geen rechtspersoon.
  2. Het moet gaan om een verbintenis die een persoonlijke zekerheid vormt.
  3. De verbintenis moet zijn aangegaan door middel van een rechtshandeling, dus niet ingevolge de wet zoals de wettelijke aansprakelijkheid.
  4. De verbintenis moet kosteloos zijn aangegaan.

De actuele juridische discussie draait rond het begrip “kosteloos”. Zo stelt zich de vraag of een zaakvoerder van een vennootschap, die zich borg heeft gesteld voor zijn vennootschap, wel kan beschouwd worden als “kosteloze borg”, daar een zaakvoerder een maandelijkse vergoeding ontvangt van de vennootschap.

De Rechtbanken en Hoven houden er een verschillende visie op na. Zelfs de nieuwe wet van 3 juni 2007 met betrekking tot de kosteloze borg, bracht terzake geen uitsluitsel.

Wenst U vrijblijvende informatie of een eerste gesprek, aarzel dan niet en maak een afspraak met het secretariaat of vraag een eerste online advies.